Terug naar het overzicht
cover
Mozart, Beethoven, Silver Vioolconcert, Vioolconcert nr. 4, Creepin’ in
€ 22,50 Bestellen
Toevoegen aan winkelmandje Bestellen

Mozart, Beethoven, Silver

Vioolconcert, Vioolconcert nr. 4, Creepin’ in

0094639537327

Componist Mozart, Beethoven, Silver
Titel Vioolconcert, Vioolconcert nr. 4, Creepin’ in
Artiest Kennedy, Nigel \ Pools Kamerorkest
Artikel nr. 0094639537327
EAN Code 0094639537327
Aantal CD's 1
Label PLG UK Classics
Releasedatum 2008-04-14
# Titel & Artiest Tijd
1 Violin Concerto in D Major, Op.61: Allegro non troppo (Cadenza by Kreisler) — Nigel Kennedy/Polish Chamber Orchestra 024:36
2 Violin Concerto in D Major, Op.61: Larghetto (Cadenza by Kennedy) — Nigel Kennedy/Polish Chamber Orchestra 012:51
3 Violin Concerto in D Major op 61: Rondo (Cadenza by Kennedy) — Nigel Kennedy/Polish Chamber Orchestra 010:21
4 Violin Concerto No 4 in D Major, K.218: Allegro (Cadenza by Kennedy) — Nigel Kennedy/Polish Chamber Orchestra 009:26
5 Violin Concerto No 4 in D Major, K.218: Andante cantabile (Cadenza by Kennedy) — Nigel Kennedy/Polish Chamber Orchestra 007:53
6 Violin Concerto No 4 in D Major, K.218: Rondeau. Andante grazioso - Allegro ma non troppo (Cadenza b — Nigel Kennedy/Polish Chamber Orchestra 007:55
7 Creepin' In — Nigel Kennedy/Michal Baranski 004:40

Sinds enige tijd werkt de violist Nigel Kennedy regelmatig samen met het Pools Kamerorkest. Hij leidt het ensemble vanaf de eerste lessenaar en treedt tevens als solist op. Zo ook op deze cd, waarop we, naast Beethovens Vioolconcert en Mozarts Vierde vioolconcert, het nummer ‘Creepin’ in’ van de hardbop-legende Horace Silver vinden. Het blijkt bij nadere bestudering om een arrangement van Kennedy te gaan. In eerste instantie lijkt Kennedy zijn wilde haren wel een beetje te zijn kwijtgeraakt in de loop van de jaren: de lezingen van Beethoven en Mozart zijn solide, maar niet zo extravagant als we van hem gewend waren. Dit in tegenstellingen tot de cadensen waarvoor hij gekozen heeft bij de concerten van Beethoven en Mozart. Baseert hij zich in het eerste deel van Beethoven nog op die van Fritz Kreisler, verderop gaat hij zelf met de motieven aan de haal. Bij Mozart resulteert dat in wel zeer afwijkende solopassages, balancerend tussen liftmuziek en new age, soms met een jazzy ondertoon. Daarmee vormen Kennedy’s cadensen een logische voorbode van zijn arrangement van het nummer van Horace Silver. Toch zal niet iedereen evenzeer te spreken zijn over een dergelijke inlas in de twee klassieke concerten.

Frits de Haen

Violist Nigel Kennedy (52) is weer helemaal terug. Een paar maanden geleden maakte hij na jaren zijn rentree in Londen met het Vioolconcert van Elgar, waarmee hij zijn carrière ooit zo verrassend begon. Inmiddels is ook een nieuwe cd uit met concerten van Beethoven en Mozart. Inclusief jazztoegift en provocatie! Op 19 juli volgt de grote klapper als Kennedy na 21 jaar weer optreedt in de Royal Albert Hall in het kader van de Proms. Opnieuw met het Elgarconcert. Daarna treedt hij diezelfde avond op met zijn Poolse jazzkwintet NKQ. Live te horen via BBC Radio 3, een week later ook te zien op tv. 
Met een variant op het gezegde dat een oude vos nooit zijn streken verliest zou je kunnen stellen dat ook een oude punker zijn behoefte om de ‘burger’ te provoceren niet kan onderdrukken. Met behulp van dit image heeft Kennedy een jaar of twintig geleden van De Vier Jaargetijden een wereldhit gemaakt. Van deze gepimpte Vivaldi werden meer cd’s verkocht dan ooit tevoren in de klassieke sector. Let wel: De Drie Tenoren waren toen nog niet geboren. Een hele slimme act van de middle-classjongen uit Brighton, die zich om nog meer op te vallen een plat Londens accent had aangemeten. Wat ze in Engeland heel toepasselijk ‘mockney’ noemen. Kennedy liet bovendien niet af de spot te drijven met het klassieke muziek-establishment, waar hij absoluut niet bij wilde horen.
Het dieptepunt (voor zijn groupies ongetwijfeld het hoogtepunt) was de EMI-uitgave van Beethovens Vioolconcert met het Sinfonie-Orchester van de NDR onder Klaus Tennstedt. Een échte ‘real live’-opname. Dit keer geen oplichterij, schreeuwde Kennedy in 1992 van alle daken. En in het boekje bij de cd. Hij was zelf de producer en gaf in de toelichting een flinke scheldpartij weg. Critici, dirigenten, omroepbazen, iedereen moest het ontgelden. Onbegrijpelijk dat EMI deze ‘bullshit’, om met Kennedy te spreken, heeft willen publiceren. Met de kwaliteit van de uitvoering was overigens weinig mis. Het was alleen nogal aan de zwaarwichtige kant. Kennedy was echter apetrots dat hij met ‘the greatest conductor of our era’ had kunnen werken.
Of Tennstedt dat inderdaad was, daar kun je je vraagtekens bij zetten. En dat vindt Kennedy kennelijk ook, want hij doet zijn eerste Beethoven nu af als ouderwets en van het romantische soort. Nee, de ritmische vitaliteit in combinatie met de prachtige melodische lijnen, daar draait het allemaal om. Aldus de tegenwoordig in Polen wonende violist. De paukenist van het Pools Kamerorkest zet de vier slagen van de introductie inderdaad meteen in straf tempo in en dat tempo wordt goed vastgehouden. Meer ‘allegro’ dan ‘non troppo’, grapte een Engelse collega (die zal er dus wel weer van langs krijgen!). In de studio-uitvoering die vorig jaar in Berlijn werd vastgelegd is het openingsdeel bijna twee minuten korter dan in de versie van 1992. De andere delen ontlopen elkaar niet zoveel. Alleen de aanpak is duidelijk lichtvoetiger van toon.
Wat ook is gebleven is de cadens van Fritz Kreisler in het eerste deel. Daarnaast zorgt Kennedy in het Rondo voor een kleine persoonlijke aanvulling op de plek waar dat nodig is. Tot zover niets aan de hand. Maar dan volgt Mozarts Vioolconcert in D, Köchel 218. Kennedy en de zijnen bieden een geslaagde en tot op zekere hoogte ook stijlvolle interpretatie. Maar in de cadens van het eerste deel steekt de provocerende punker ineens weer z’n kop op. De viool wordt een elektrische viool en het idioom belandt plotseling in het New Age-tijdperk. Verrassend, dat wel, maar totaal misplaatst. Hoe moeilijk zoiets is in te passen wordt duidelijk als Kennedy’s uitstapje weer bij Mozart dient uit te komen. Zijn escapade mondt uit in een abrupte en onhandige overgang. Mozart onwaardig. Experiment geslaagd, componist overleden.
In het tweede deel van KV 218 wordt dit experiment nog eens dunnetjes overgedaan. De aangekondigde cadens in het derde deel doet daarom het ergste vrezen. Maar ook daar zorgt Kennedy weer voor een verrassing door een ‘gewone’, bescheiden improvisatie neer te zetten. Na dit alles volgt als toegift een jazznummer: een arrangement van zijn hand van ‘Creepin’ In’ van Horace Silver.

Hans Heg

  • cover
  • cover
Terug naar het overzicht