Terug naar het overzicht
cover
Beethoven, L. van Violin Sonatas nos. 3,6,7 & 8
€ 22,99 Bestellen
Toevoegen aan winkelmandje Bestellen

Beethoven, L. van

Violin Sonatas nos. 3,6,7 & 8

3760014195655

Componist Beethoven, L. van
Titel Violin Sonatas nos. 3,6,7 & 8
Artiest Gatto, Lorenzo / Libeer, Julien
Artikel nr. 0000565ALPHA
EAN Code 3760014195655
Aantal CD's 1
Label ALPHA
Releasedatum 2019-11-01
# Titel & Artiest Tijd
1 I. Allegro con spirito — Lorenzo Gatto; Julien Libeer 008:29
2 II. Adagio con molta espressione — JULIEN LIBEER - LORENZO GATTO 005:42
3 III. Rondo. Allegro molto — JULIEN LIBEER - LORENZO GATTO 004:20
4 I. Allegro con brio — Lorenzo Gatto; Julien Libeer 007:39
5 II. Adagio cantabile — JULIEN LIBEER - LORENZO GATTO 007:56
6 III. Scherzo. Allegro — JULIEN LIBEER - LORENZO GATTO 003:43
7 IV. Finale. Allegro - Presto — JULIEN LIBEER - LORENZO GATTO 005:14
8 I. Allegro — Lorenzo Gatto; Julien Libeer 007:29
9 II. Adagio molto espressivo — JULIEN LIBEER - LORENZO GATTO 005:47
10 III. Allagretto con variazioni (I-VI) — JULIEN LIBEER - LORENZO GATTO 007:55
11 I. Allegro assai — Lorenzo Gatto; Julien Libeer 006:10
12 II. Tempo di minuetto, ma molto moderato e grazioso — JULIEN LIBEER - LORENZO GATTO 007:12
13 III. Allegro vivace — JULIEN LIBEER - LORENZO GATTO 003:25

Ja, natuurlijk bestaan er vele heel goede opnamen van de tien vioolsonates die Beethoven tussen 1798 en 1812 schreef. Denk aan Alexander Melnikov en Isabelle Faust, Gidon Kremer en Martha Argerich, een respectabel oudje van Yehudi Menuhin en Wilhelm Kempff en een historisch verantwoorde van Viktoria Mullova en Kristian Bezuidenhout. Toch is dat allemaal geen reden om deze cd met de Sonates nrs. 3, 6, 7 en 8 links te laten liggen, die de cyclus van violist Lorenzo Gatto en pianist Julien Libeer voltooit. Met de eerste cd in de reeks schopten ze het al tot een Diapason d’Or en ook de tweede, met de Vioolsonates nrs. 2, 4 en 9, kreeg jubelcommentaren. Terecht. De twee jonge Belgen vallen zonder enig ontzag aan, nemen risico’s en spelen Beethovens sonates als de werken van een woeste, onderzoekende geest die op zoek is naar een gelijkwaardigheid tussen de viool en de piano en naar de grenzen van het destijds muzikaal betamelijke. Mede dankzij de conform de oude fortepiano’s rechtsnarig (in plaats van de tegenwoordig kruissnarige standaard) gebouwde vleugel van Chris Maene is de vertolking van de beide heren een even perfect als prachtig compromis tussen het goede van de moderne uitvoeringen en het levendige van de historisch geïnformeerde vertolkingen.

Paul Janssen (Klassieke Zaken 6-2019)

COLUMN

Weinig Adams, veel Beethoven
Aanvankelijk was ik van plan deze column een speelse kop mee te geven. De Kleine Adams naast De Grote Beethoven. Of: Amerikaanse Dwerg verpletterd door Duitse Reus. Te flauw voor woorden. Bovendien bezijden de waarheid. De John Adams uit 1947 (niet te verwarren met zijn landgenoot John Luther Adams, die werd geportretteerd door Guido van Oorschot in het Aangenaam Klassiek-boekje Klinkende Liefde), is eveneens een componist van formaat. Een van de belangrijkste van nu. Volstrekt terecht dat hij in november in het Paleis op de Dam de Erasmusprijs 2019 kreeg uitgereikt door koning Willem Alexander. Een belangrijke oeuvreprijs die slechts twee componisten voor hem kregen: Messiaen en Kagel. Deze onderscheiding is bestemd voor ‘een instelling of persoon die een buitengewone bijdrage heeft geleverd op het gebied van de geesteswetenschappen, sociale wetenschappen of de kunsten, in Europa of daarbuiten.’ Een mondvol, maar wel goed voor anderhalve ton.

De jury vond dat Adams “een nieuw muzikaal idioom heeft gecreëerd door elementen uit de jazz, de populaire en de klassieke muziek aan elkaar te smeden”. Hij heeft hedendaags klassiek weer “verstaanbaar” gemaakt, belangrijk in een tijd waarin dit genre steeds meer moeite heeft om gehoord te worden. Keurige manier om het prikkeldraad te duiden dat zo in zwang was in het (gelukkig) alweer voorbije tijdperk vol atonale en seriële experimenten. Kille muziek uit het lab.

Adams werd in het zonnetje gezet omdat hij “regelmatig maatschappelijke vraagstukken aan de orde stelt, wat hij als taak van de kunstenaar ziet”, stelt de jury. Spraakmakende opera’s als Nixon in China en The Death of Klinghoffer (over het Palestijnse vraagstuk) en later die indringende ‘klaagzang’ On the Transmigration of Souls - naar aanleiding van de aanslagen in New York op 9/11 – vormen evenzovele klinkende bewijsstukken. Een componist des vaderlands waardig.

Maar hij liet zich het hoofd niet op hol brengen door alle loftuitingen. In zijn dankwoord (zie de site van Praemium Erasmianum) benadrukt hij dat hem in de eerste plaats nederigheid is geboden met al die illustere voorgangers als prijswinnaars. “De neiging bij kunstenaars tot maatschappelijk activisme is niet nieuw.” Voor de een is het abstracte kunstwerk het ideaal, voor een ander de sociale of politieke boodschap. In beide secties is “grote kunst” ontstaan. Gelukkig maar, constateert Adams.

“Niemand zal het in zijn hoofd halen het Wohltemperierte Klavier of de Goldbergvariaties wegens gebrek aan maatschappelijke relevantie terzijde te schuiven en evenmin zal iemand het emotionele en artistieke belang ontkennen van sociaal geëngageerde muziek, zoals de finale van Beethovens Negende.” Met Schillers oproep tot verbroedering in de Ode an die Freude. En daarmee zitten we midden in een actueel probleem: hoeveel Beethoven kunnen we verdragen in dit herdenkingsjaar, 250 jaar na zijn geboorte in Bonn?

Het is de ene Negende na de andere, de ene cyclus na de andere. In de platenwereld willen velen hun punt maken. Bijna ieder label komt met iets nieuws. Of iets ouds! Het Concertgebouworkest heeft een album in voorbereiding met historische opnamen van de 9 symfonieën onder beroemde dirigenten: van Bernstein en Harnoncourt tot Antal Dorati. Interessant, daar niet van. Maar zit er nog iemand te wachten op wéér een box met de 32 pianosonates na die spectaculaire uitgave van Sony met Igor Levit? Hoogstens op de nieuwe versie van de 5 concerten met Ronald Brautigam.

Ik bedoel maar: John Adams komt er nogal bekaaid vanaf met slechts één recente uitgave op Decca die de aandacht trekt. De in Montreal live geregistreerde versies van zijn eerste grote orkestwerk (Harmonielehre), voorafgegaan door het al uit 1979 daterende Common Tones in Simple Time (grote poëtische verrassing, had ik nog nooit gehoord!), gevolgd door de hit Short Ride in a Fast Machine worden door Kent Nagano met vaste hand verdedigd. Prachtig portret van Adams uit Canada.

Wat betreft Beethoven moeten we bij onze zuiderburen zijn. De beste biografie in het Nederlands is nog altijd het standaardwerk van Jan Cayers. Ook de geactualiseerde heruitgave mag er wezen. De reeks met de tien Vioolsonates van Beethoven, waar Lorenzo Gatto en Julien Libeer jaren aan hebben gewerkt, is nu compleet. Van alle recente opnamen met moderne instrumenten is dit de meest overtuigende. Met name door het aandeel van Libeer, die in de voetsporen treedt van pianisten als Haskil en Pires. En die duidelijk maakt dat het hier in wezen om “Sonaten für Pianoforte und Violine” gaat. En niet andersom.

Nog een pluspunt: de geluidskwaliteit van deze Alpha-cd is werkelijk spectaculair. Glashelder, direct en toch ruimtelijk. Het is net of je in La Chaux-de-Fonds (Zwitserland) of in Brussel (Flagey) bij dit duo op de beste plaats in de zaal zit. Een feest. Helaas ontbreekt dat een beetje bij de live-registratie van de oerversie van Beethovens enige opera Fidelio. Die in 1805 als Leonore het licht zag en waaraan hij negen jaar is blijven schaven. Worstelend met de materie, wat uiteindelijk tot drie verschillende versies zou leiden. Zoals we ook tijdens een opvoering in het Concertgebouw konden horen, verdedigt René Jacobs dit project met hart en ziel. Al is de vocale bezetting niet op alle fronten ideaal. Het hardcoverboekwerk van deze Limited Edition, twee cd’s plus alle teksten, is riant vormgegeven. Op zich al de aanschaf waard.

Hans Heg (Klassieke Zaken 1-2020)

  • ALPHA565
  • cover
  • cover
Terug naar het overzicht