Terug naar het overzicht
cover
Brahms, Johannes Symphony no. 4, Alt-Rhapsodie - Schiksaldslied
€ 23,99 Bestellen
Toevoegen aan winkelmandje Bestellen

Brahms, Johannes

Symphony no. 4, Alt-Rhapsodie - Schiksaldslied

5400439000254

Componist Brahms, Johannes
Titel Symphony no. 4, Alt-Rhapsodie - Schiksaldslied
Artiest Hallenberg, Ann / Collegium Vocale Gent / Orchestre des Champs-Élysées
Dirigent Herreweghe, Philippe
Artikel nr. 0000025LPH
EAN Code 5400439000254
Aantal CD's 1
Label PHI
Releasedatum 2017-05-01
# Titel & Artiest Tijd
1 1. Allegro non troppo — HERREWEGHE,PHILIPPE/ORCHESTRE DES CHAMPS-ELYSEES 012:12
2 2. Andante moderato — HERREWEGHE,PHILIPPE/ORCHESTRE DES CHAMPS-ELYSEES 010:28
3 3. Allegro giocoso — HERREWEGHE,PHILIPPE/ORCHESTRE DES CHAMPS-ELYSEES 005:59
4 4. Allegro energico e passionato — HERREWEGHE,PHILIPPE/ORCHESTRE DES CHAMPS-ELYSEES 009:35
5 Rhapsodie op. 53 (für Alt, Männerchor und Orchester) — HERREWEGHE,PHILIPPE/ORCHESTRE DES CHAMPS-ELYSEES 011:44
6 Schicksalslied op. 54 (für Chor und Orchester) — HERREWEGHE,PHILIPPE/ORCHESTRE DES CHAMPS-ELYSEES 016:27

PORTRET

Wegbereider voor de nieuwe muziek
Johannes Brahms (1833-1897) trad in de voetsporen van grote Duitse voorgangers: Beethoven voor de orkestmuziek, Schumann bij pianominiaturen, Bach en nog oudere meesters in koorwerken. Sommige tijdgenoten vonden hem reactionair. Tegenwoordig wordt hij juist beschouwd als een componist die de weg heeft geplaveid voor de nieuwe muziek van de twintigste eeuw.

De kleine Johannes groeide op in een achterbuurt van Hamburg. Zijn vader was een muzikant die zijn best deed om hogerop te komen. De jongen mocht op pianoles. De vader drukte de leraar in plat Duits op het hart: ‘Mijn Johannes moet net zoveel leren als u, meneer Cossel, dan weet hij genoeg. Hij wil zo graag pianist worden.’ Sommige biografen schrijven dat het kind in havenkroegen optrad tussen de prostituees en dronken matrozen, maar zijn eerste officiële solorecital was in 1848, toen Johannes vijftien jaar was, in de herberg Alte Rabe aan de Alster. Mensen beschreven hem als een verlegen puber met een androgyn uiterlijk en een hoge stem.

Opvallend: hij speelde toen onder meer Bach. Reeds als tiener zocht hij in boekenstalletjes naar oude partituren. Met zijn romantische fascinatie voor de zuiverheid van oude muziek volgde hij componisten als Mendelssohn, die een Bachrevival hadden geïnitieerd. Daarnaast ontwikkelde hij een levenslange liefde voor volksliederen. Toen Hongaarse vluchtelingen in 1848 in Hamburg verbleven, raakte hij in de ban van hun muziek met al die typische zigeunertrekken. Jaren later zou deze ‘liefde op het eerste gehoor’ nog doorklinken in de Hongaarse dansen.

Op zijn twintigste leerde hij Robert en Clara Schumann kennen, korte tijd voordat Robert probeerde een einde aan zijn leven te maken door in de Rijn te springen. Zij introduceerden hem in de grote muziekwereld. Aanvankelijk maakte Brahms naam als pianovirtuoos, maar algauw oogstte hij ook roem als dirigent en componist. Hij woonde liever in Wenen dan een lucratief aanbod uit Leipzig of Düsseldorf aan te nemen. ‘Vanwege de goede cafés in Wenen’, zei hij met de hem typerende combinatie van ironie en zelfspot.

Geleidelijk werd hij beschouwd als de rechtmatige opvolger van Beethoven. Het kostte hem vele jaren om zich te bevrijden van de geest van deze reus. Zo worstelde hij veertien jaar met een eerste symfonie, en toen die eindelijk af was, noemde de dirigent Hans von Bülow het werk ‘Beethovens Tiende’. Na de zware bevalling van deze eersteling volgden de symfonische composities elkaar in rap tempo op.

Afgezien van de opera, waaraan hij zich nooit heeft gewaagd, excelleerde Brahms in alle genres. Uiteraard ook in pianomuziek, waarmee het allemaal begonnen was, van de hemelbestormende sonates uit zijn jonge jaren tot en met de miniaturen uit zijn ‘gouden herfst’. Destijds werd hij met zijn hang naar het verleden en voorkeur voor klassieke vormen de tegenpool genoemd van revolutionaire componisten als Liszt en Wagner. Maar uitgerekend deze ‘reactionair’ kreeg in de twintigste eeuw eerherstel van kopstukken als Schönberg en Adorno. Hij zou met zijn ‘objectieve’ structuren een wegbereider zijn geweest voor de nieuwe muziek. Zelf was hij ongetwijfeld meer verguld met zijn plaats in de eregalerij van de ‘drie B’s’, samen met de door hem vereerde Bach en Beethoven.

Eddie Vetter (KZ 2-2018)

  • cover
  • cover
Terug naar het overzicht