Terug naar het overzicht
cover
Saint-Saens Piano Concertos Nos. 1, 2 & 4
€ 22,99 Bestellen
Toevoegen aan winkelmandje Bestellen

Saint-Saens

Piano Concertos Nos. 1, 2 & 4

0095115203125

Componist Saint-Saens
Titel Piano Concertos Nos. 1, 2 & 4
Artiest Lortie, Louis / BBC Philharmonic
Dirigent Gardner, Edward
Artikel nr. 1520312119146
EAN Code 0095115203125
Aantal CD's 1
Label HARMONIA A - F CHANDOS
Releasedatum 2018-09-07
# Titel & Artiest Tijd
1 I. Andante - Poco più - Allegro assai — Louis Lortie; BBC Philharmonic; Edward Gardner 010:58
2 II. Andante sostenuto quasi adagio - Ad libitum — BBC PHILHARMONIC EDWARD GARDNER LOU 007:13
3 III. Allegro con fuoco — BBC PHILHARMONIC EDWARD GARDNER LOU 006:17
4 I. Andante sostenuto - Un poco animato - Sempre più animato - Molto animato - Tempo I — Louis Lortie; BBC Philharmonic; Edward Gardner 010:25
5 II. Allegro scherzando — BBC PHILHARMONIC EDWARD GARDNER LOU 005:35
6 III. Presto — BBC PHILHARMONIC EDWARD GARDNER LOU 006:15
7 I. Allegro moderato — Louis Lortie; BBC Philharmonic; Edward Gardner 003:47
8 Andante — BBC PHILHARMONIC EDWARD GARDNER LOU 007:17
9 II. Allegro vivace — BBC PHILHARMONIC EDWARD GARDNER LOU 006:20
10 Allegro — BBC PHILHARMONIC EDWARD GARDNER LOU 006:17

COLUMN

Aimez-vous Saint-Saëns?
Ja, natuurlijk houden we van Charles-Camille. Wie houdt er nou niet van hem? Decennialang was hij de hoeder van het traditionele muzikale erfgoed in Frankrijk. Maar van een nieuwlichter als Debussy moest hij niets hebben – het omgekeerde was trouwens ook het geval. Later zou Pierre Boulez zich ook in die zin over hem hebben uitgelaten. Om maar te zwijgen over Stravinsky, wiens spraakmakende ballet Le sacre du printemps als een afschuwelijke chaos overkwam op de bejaarde Saint-Saëns in 1913.

Maar wat wil je? Hij werd acht jaar na Beethovens laatste snik geboren en overleed acht jaar na de première van de Sacre op hoge leeftijd in Algiers. Tijdens dat lange leven heeft het hem niet aan waardering ontbroken. Hij was een briljante pianist en een fameuze organist. Hij maakte op z’n elfde al zijn debuut in de Salle Pleyel met pianoconcerten van Mozart en Beethoven. Vanaf zijn dertiende kwam daar het orgel bij. Hij speelde regelmatig in de St. Séverin, de St. Merri en tot 1877 in de Madeleine. Vooral zijn improvisaties op het orgel in die laatste kerk trokken in Parijs de aandacht.

Gounod voorspelde Saint-Saëns al vroeg een grote carrière en noemde hem de Franse Beethoven. Zelfs de kritische Berlioz had respect voor de jonge componist die aanvankelijk sterk leunde op de klassieke tradities. De Duitse dirigent Hans von Bülow roemde hem juist weer omdat hij zich, als ‘enige hedendaagse componist’, niet op een dwaalspoor liet brengen en zich wist te onttrekken aan modieuze wagneriaanse invloeden. Opmerkelijk, want niet alleen Clara Schumann, Anton Rubinstein en Pablo de Sarasate maar ook Liszt en Wagner kwamen bij Saint-Saëns over de vloer tijdens zijn populaire ‘lundis’. Maandagavonden waarop het niet alleen om dineren, maar ook om musiceren ging.

Maar Von Bülow had gelijk: Saint-Saëns is een oer-Franse componist. Zijn oeuvre is omvangrijk en gevarieerd. Zijn stijl is geënt op heldere vormen, mooie kleuren en vooral verleidelijke, hemelse of exotische melodieën. Alleen heeft hij het etiket veelschrijver niet weten te ontlopen. En daarvan was hij zich wel degelijk bewust gezien zijn opmerking dat hij zich soms net een ‘pommier’ voelde. Als een boom die ieder jaar trouw dezelfde nieuwe appels produceert. Zelfs in zijn sterfjaar, 1921, componeerde hij nog drie sonates voor klarinet, hobo en fagot. De ‘meest misdeelde’ instrumenten.

De hamvraag is: wat weten we eigenlijk van deze erfenis? Ja, we kennen Saint-Saëns’ Eerste celloconcert, zijn Tweede pianoconcert, zijn Derde vioolconcert en de Derde symfonie (die met orgel, ooit een pophit, dat wel). Verder die onverwoestbare Danse macabre, Le carnaval des animaux (met ‘stervende zwaan’) en mogelijk ‘de’ aria uit de opera Samson et Dalilah. Plus een aantal korte stukken voor viool en piano. Misschien nog wat liederen of kamermuziek. Maar hoe zit het met al die andere concerten, symfonieën, symfonische gedichten en opera’s? Je hoort ze bijna nooit. Wat betreft de vijf pianoconcerten die tussen 1858 en 1896 ontstonden, is er een verandering bespeurbaar. Na de complete sets met Jeanne-Marie Darré (jaren vijftig) en Pascal Rogé met Charles Dutoit (Decca, 1981) is het wat stil geworden op dit front. Totdat Stephen Hough de draad een jaar of vijf geleden weer oppakte voor Hyperion. Een respectabele prestatie. In dezelfde league hoort ook de nieuwe Engelse uitgave van Louis Lortie thuis, die zo te zien is begonnen aan een nieuwe cyclus met Edward Gardner. Het eerste deel met de concerten een, twee en vier biedt virtuoos en degelijk handwerk. Niets mis mee, al zaagt Gardner soms wel erg dikke planken van zijn orkestraal hardhout.

Nee, dan die andere nieuwe aanbieding uit Parijs. De uit Toulouse afkomstige Bertrand Chamayou is een in alle opzichten briljante pianist. Technisch, stilistisch en muzikaal. In een perfecte samenwerking met Emmanuel Krivine en dat verrukkelijk licht en transparant spelende Orchestre National de France krijgen de concerten twee en vijf sublieme uitvoeringen. Dit is Saint-Saëns op z’n best. Vol esprit, sfeervol en met schitterend afgewerkte details. Niet eerder heeft Chamayou me zo in de ziel geraakt. Vooral in dat quasi-‘Egyptische’, ontroerende tweede deel van het Vijfde concert. In dit repertoire is hij de ware opvolger van grootheden als Alfred Cortot, Robert Casadesus en Jeanne-Marie Darré.

Het is te hopen dat hij van Erato de kans krijgt om ook de andere Saint-Saënsconcerten te registreren. Uiteraard met dezelfde dirigent en hetzelfde orkest. Parijs is en blijft dé stad van Camille S-S. En dat is hier te horen in iedere maat. Al zorgen ook de zeven ‘toegiften’, die Chamayou heeft geselecteerd uit het solowerk (en die in dezelfde Parijse zaal zijn opgenomen), voor evenzovele magnifieke momenten. En wat een geweldig idee om de Nijlimpressies meteen te laten volgen door de Étude (opus 111, nr. 4), waarin Saint-Saëns à la Franz Liszt Les Cloches de Las Palmas bezingt.

In zijn wetenswaardige toelichting stelt Chamayou dat hij een zicht- en hoorbaar verband ziet tussen Liszt en Ravel. En dat Ravel op zijn beurt weer werd beïnvloed door Saint-Saëns in zijn beide pianoconcerten en in het Pianotrio. Van die Chamayou gaan we vast meer horen. Op naar een prijzenregen.

Hans Heg (6-2018)

  • cover
  • cover
Terug naar het overzicht