Terug naar het overzicht
cover
Strauss, Richard Elektra
€ 14,99 Bestellen
Toevoegen aan winkelmandje Bestellen

Strauss, Richard

Elektra

0822231170129

Componist Strauss, Richard
Titel Elektra
Artiest Charbonnet, Jeanne-Michèle \ Denoke, Angela \ London Symphony Chorus \ Choir of Eltham College \ London Symphony Orchestra
Dirigent Gergiev, Valery
Artikel nr. 3117012100991
EAN Code 0822231170129
Aantal CD's 2
Label HARMONIA G - O LSO / MARIINSKY
Releasedatum 2012-07-10
# Titel & Artiest Tijd
1 Elektra: 'Wo bleibt Elektra?' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 006:10
2 Elektra: 'Allein!' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 008:56
3 Elektra: 'Elektra!' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 002:46
4 Elektra: 'Ich kann nicht sitzen' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 006:19
5 Elektra: 'Was heulst du?' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 002:05
6 Elektra: 'Was willst du?' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 010:35
7 Elektra: 'Ich habe keine guten Nächte' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 011:01
8 Elektra: 'Was bluten muss?' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 006:20
9 Elektra: Orest! Orest ist tot!' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 003:14
1 Elektra: 'Platz da!' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 002:59
2 Elektra: 'Wie stark du bist!' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 003:27
3 Elektra: 'Von jetzt an will ich deine Schwester sein' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 004:50
4 Elektra: 'Nun denn, allein!' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 001:13
5 Elektra: 'Was willst du, fremder Mensch?' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 008:29
6 Elektra: 'Orest!' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 011:34
7 Elektra: 'Seid ihr von Sinnen' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 004:00
8 Elektra: 'He! Lichter!' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 004:41
9 Elektra: 'Agamemnon hört dich!' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 003:51
10 Elektra: 'Wir sind bei den Göttern' — Charbonnet/denoke/palmer/goerne/lso 005:56

Griekenland, Mycene - Waar Elektra huilde om haar vader

Vanuit de verte lijkt het een Teletubbieheuvel. Zo'n vriendelijke, met gras overtrokken welving in het landschap. Pas als je dichterbij komt zie je de afwijking. De heuvel bolt niet mooi rondom, maar heeft een inkeping. Loop erheen en je mond zakt open. Wie heeft het bedacht, dertien eeuwen voor Christus, dit magnifieke koepelgraf in Mycene op de Peloponnesos?

De millennia dalen op je neer bij de Schatkamer van Atreus, ook wel bekend als het Graf van Agamemnon. Links en rechts van het toegangspad liggen rechthoekige blokken steen gestapeld. Het muurtje begint eenhoog, wordt tweehoog en klimt naar meer dan twintighoog. Wie tussen de oprijzende massa naar de heuvel loopt, voelt zichzelf krimpen. De toegangsdeur is een rechthoekige opening die wordt bekroond door een vlamachtige driehoek. Een paar stappen verder sta je onder de koepel. Ring voor ring is hij opgestapeld, tot aan de sluitsteen dertien meter boven je hoofd.

Historische Griekse grond. Hieromheen speelden wrede taferelen. Als we Homerus mogen geloven tenminste, de verhalenverteller uit de achtste eeuw voor Christus. Lang werd gedacht dat hij het ‘goudrijke Mycene’ uit zijn duim had gezogen. Tot de Duitse archeoloog Heinrich Schliemann eens goed ging graven. Vanaf 1870 legde hij in Turkije eerst het oude Troje bloot, daarna vond hij in Mycene dit koepelgraf en het paleiscomplex waarvan verderop de schamele resten uit de bodem steken.

Nu ja, schamel. De monumentale Leeuwenpoort bij de ingang staat al meer dan dertig eeuwen stoer te wezen. Hier gingen ze onderdoor, koning Atreus en zijn gedoemde nageslacht. Ergens hierachter werd de Troje-veteraan Agamemnon door zijn vrouw Clytaemnestra en haar minnaar Aegisthus gekloofd met een bijl. Later werden de overspeligen zelf over de kling gejaagd door dochter Elektra en zoon Orestes.

Richard Strauss componeerde er in 1909 een van bloed en Freud doortrokken opera over. Kenners van Elektra passeren niet zonder huiver de Leeuwenpoort. De beginscène speelt in een binnenhof die, aldus librettist Hugo von Hofmannsthal, ‘wordt begrensd door de achterzijde van het paleis en de lage gebouwen waarin de bedienden wonen’. Lastig om hier niet het rauwe openingsmotief van de opera te horen. Om niet de Eerste dienstmaagd te horen zingen: ‘Wo bleibt Elektra?’ Waarna de Tweede maagd zich meldt: ‘Dit is toch haar uur, het uur waarop ze om haar vader huilt, zo hard dat alle muren galmen.’

In Mycene staan nog maar weinig muren. Wel is er een sinistere gang die naar de duisternis leidt. Dook Elektra na haar eerste opkomst terug in deze spelonk, ‘als een dier in haar schuilplaats’? Ook is er een kleiner koepelgraf dat naar Clytaemnestra werd vernoemd. Al zeggen sommige archeologen dat daar juist Agamemnon lag. Als die al niet vijfhonderd meter verderop te rusten werd gelegd in de Schatkamer van Atreus. Wat eigenlijk weer niet kan, want toen Homerus Agamemnon gruwelijk liet vermoorden, was die koepel al een eeuw bezet door een andere Myceense dode.

Guido van Oorschot
Aangenaam Klassiek 2020


Als een katachtige die blaast en kermt en op onverwachte momenten agressief de klauwen uitslaat en dan weer dreigend rondsluipt door het duister, zo klinkt het orkestaandeel in Richard Strauss’ opera Elektra in de handen van Valery Gergiev. Hij creëert een wereld waarin pijn en verdriet bijna elke klank doordringen en waarin ook plaats is voor smachtende lyriek. Zelfs een rust wordt bij Gergiev tot spannende muziek, hetgeen waarschijnlijk de reden is dat de overgang van cd 1 naar cd 2 niet tijdens een van die rustmomenten plaatsvindt, maar gewoon met een fade-out ergens midden in een scène. In die striemende klankwereld houdt de Atridenfamilie zich dapper staande. Vooral Dame Felicity Palmer, als de door angsten getormenteerde moeder Klytaemnestra, zet met haar strakke, snijdende toon de nachtmerries rechtstreeks op het netvlies van de luisteraar. Jeanne-Michèle Charbonnet imponeert met haar totale overgave aan de rol van Elektra, ook al reikt haar wat stugge stem met enige moeite naar de hoogste noten. Zus Chrysothemis en broer Orestes worden met meer beheersing, maar niet zonder toewijding gezongen door Angela Denoke en Matthias Goerne. Gergiev jaagt zijn instrumentalisten en zijn zangers in deze liveopname overigens door een volledig ongecoupeerde versie van de opera.

Hein van Eekert

  • cover
  • cover
Terug naar het overzicht