Terug naar het overzicht
cover
Brahms, Johannes Choral Works - Cappella Amsterdam
€ 9,99 € 22,99 Bestellen
Toevoegen aan winkelmandje Bestellen

Brahms, Johannes

Choral Works - Cappella Amsterdam

3149020216026

Componist Brahms, Johannes
Titel Choral Works - Cappella Amsterdam
Artiest Cappella Amsterdam
Dirigent Reuss, Daniel
Artikel nr. 202160286107
EAN Code 3149020216026
Aantal CD's 1
Label HARMONIA G - O HARMONIA MUNDI
Releasedatum 2014-10-13
# Titel & Artiest Tijd
1 Warum ist das Licht gegeben: Langsam und ausdrucksvoll — CAPPELLA AMSTERDAM 005:17
2 Lasset uns: Wenig bewegter — CAPPELLA AMSTERDAM 001:16
3 Siehe, wir preisen: Langsam und sanft — CAPPELLA AMSTERDAM 002:47
4 Mit Fried und Freud: Choral — CAPPELLA AMSTERDAM 001:24
5 Intermezzo op. 119 Nr. 1 — CAPPELLA AMSTERDAM 004:04
6 Nr. 1 Nachtwache 1 — CAPPELLA AMSTERDAM 002:36
7 Nr. 2 Nachtwache 2 — CAPPELLA AMSTERDAM 001:24
8 Nr. 3 Letztes Glück — CAPPELLA AMSTERDAM 002:15
9 Nr. 4 Verlorene Jugend — CAPPELLA AMSTERDAM 002:03
10 Nr. 5 Im Herbst — CAPPELLA AMSTERDAM 005:04
11 Schicksalslied op. 54 — CAPPELLA AMSTERDAM 014:59
12 Nr. 1 Ich aber bin elend — CAPPELLA AMSTERDAM 003:20
13 Nr. 2 Ach, arme Welt — CAPPELLA AMSTERDAM 001:58
14 Nr. 3 Wenn wir in höchsten Nöten sein — CAPPELLA AMSTERDAM 003:38
15 Sehnsucht op. 112 Nr. 1 — CAPPELLA AMSTERDAM 002:57
16 Abendlied op. 92 Nr. 3 — CAPPELLA AMSTERDAM 002:37
17 Nächtens op. 112 Nr. 2 — CAPPELLA AMSTERDAM 001:49
18 Nr. 1 Unsere Väter hofften auf dich — CAPPELLA AMSTERDAM 002:30
19 Nr. 2 Wenn ein starker Gewappneter — CAPPELLA AMSTERDAM 002:59
20 Nr. 3 Wo ist denn ein so herrlich Volk — CAPPELLA AMSTERDAM 005:00

AANGENAAM KLASSIEK 2019

Johannes Brahms bracht de koorwereld veel meer dan alleen zijn Deutsches Requiem. Hij schreef schitterende motetten en koorwerken, al dan niet met pianobegeleiding, zoals het Schicksalslied en de Motetten op. 110. Daniel Reuss en zijn Cappella Amsterdam breken een lans voor een aantal minder bekende koorwerken van Brahms en zetten meteen de toon met het motet Warum ist das Licht gegeben dem Mühseligen. ‘In het breed uitgesponnen ‘warum’ resoneert bij Reuss het plechtige raadsel’, oordeelde de Volkskrant. Een cd die de vocale muziek van Brahms volledig tot leven wekt en serveert als een hemels gerecht.

Klassieke Zaken 5-2019


Een hemels gerecht van stemmen

Johannes Brahms bracht de instrumentale muziekwereld veel goeds en nog meer moois. Wat misschien bij velen minder bekend is, is dat Brahms ook de a-cappellakoorwereld van vele impulsen voorzag en het in de tweede helft van de negentiende eeuw toch wat kwakkelende genre naar een ongekend hoog niveau tilde. Natuurlijk is zijn Deutsches Requiem bekend en geliefd, maar de motetten en koorwerken die op deze meesterlijke cd van Cappella Amsterdam verzameld zijn, doen daar niet voor onder. Integendeel. Onder leiding van Daniel Reuss transformeert het koor de veelal korte werken tot ware juweeltjes door de prachtig strakke en zuivere zang en door de gedreven emotionele geladenheid. En het wat langere en vaker gehoorde Schiksalslied is zelfs buitengewoon spannend. Het resultaat is een cd die van begin tot eind uitnodigt tot ademloos luisteren. En de pianoklanken die af en toe langskomen, verheffen de stemmen alleen maar tot een nog hemelser gerecht.

SPECIAL

Cappella & Brahms

Voor de indrukwekkende uitvoeringen van Ein Deutsches Requiem van Brahms won Cappella Amsterdam samen met het Orkest van de Achttiende Eeuw de VSCD Klassieke Muziekprijs in 2018. “In alle zeven delen van dit troostende requiem wordt loepzuiver en in perfecte balans met het orkest gezongen”, schreef Trouw over de liveopname op cd. Chef-dirigent Daniel Reuss legt uit wat er zo uniek is aan deze opname.

Brahms is een van de favoriete componisten van Daniel Reuss. “Ik leef al meer dan dertig jaar met de muziek van Brahms en het was een langgekoesterde droom om de koorwerken op te nemen met Cappella Amsterdam.” Na de succesvolle release van het album Warum in 2016 volgde in 2018 Ein Deutsches Requiem, uitgevoerd met het Orkest van de Achttiende Eeuw. “Het opvallendste verschil met andere opnames van het requiem heeft te maken met de interpretatie van de tempoaanduidingen van Brahms. Van drie uitvoeringen die Brahms zelf heeft gedirigeerd zijn er metronoomcijfers bekend en die verschillen slechts marginaal van elkaar. Zo blijkt bijvoorbeeld dat Brahms met name de snelle delen in een opvallend rustig tempo deed, veel rustiger dan we tegenwoordig gewend zijn. De snelle en langzame delen komen zo dichter bij elkaar waarmee een soort eenheid wordt gecreëerd die de boodschap van dit requiem ondersteunt. Het is geen treurig, wanhopig requiem maar veel eerder troostrijk en rustgevend. Een goed voorbeeld is de slotpassage van het derde deel. Het beeld dat hier wordt geschetst gaat over de zielen van de rechtvaardigen die in Gods handen zijn, een soort status quo in de hemel. Heel veel muzikale opwinding is daar niet voor nodig, dus de enorme versnellingen die hier vaak klinken zijn inhoudelijk gezien eigenlijk misplaatst.”

“Wat voor mij een bijzonder cadeau was, was dat het Orkest van de Achttiende Eeuw Ein Deutsches Requiem nog nooit eerder had uitgevoerd. Voor sommige orkestleden was het überhaupt de eerste keer dat ze dit werk van Brahms speelden, zij waren echt aan het genieten van de kennismaking met deze geniale partituur. Dankzij hun enorme ervaring en kennis enerzijds en de voldoening van het ontdekken van deze muziek anderzijds kreeg onze samenwerking een bijzondere meerwaarde.” Reuss kan zich verheugen op nog meer nieuwe Brahmservaringen met Cappella Amsterdam. In het najaar staat het requiem weer op het programma, maar dan in Brahms’ eigen bewerking van de orkestpartij voor vierhandig piano. Het programma wordt aangevuld met een bewerking van de Psalmensymfonie van Stravinsky, een andere favoriet van Reuss. Naast Brahms en Stravinsky kan Bach natuurlijk niet ontbreken in het nieuwe seizoen. “Ik heb me deze zomer ondergedompeld in een studie van theologische werken over het evangelie van Mattheus ter voorbereiding op de tournee in april met het Orkest van de Achttiende Eeuw. Dat heeft beslist nieuwe ideeën opgeleverd voor mijn interpretatie van Bachs meesterwerk. Verder ben ik druk bezig geweest met het bedenken van nieuwe programma’s voor de komende jaren, waarbij ik helaas wel rekening moet houden met onze beperkte financiële middelen. Anders zou ik nog veel meer unieke koorprojecten willen realiseren als Figure humaine in mei 2020, met aangrijpende muziek van onder anderen Poulenc en Ton de Leeuw.”

Noortje Zanen (Klassieke Zaken 5-2019)


INTERVIEW

Cappella Amsterdam - Feesten met Brahms

'Feesten met Brahms' is de aanstekelijke titel van een reeks concerten die Cappella Amsterdam in april op zeven plaatsen in Nederland gaat geven. Feesten met Brahms? Kan dat? Jazeker! Met Brahms' prachtige koormuziek wordt het absoluut een muzikaal feest.

Johannes Brahms was als romantisch componist lang niet altijd feestelijk gestemd. Zijn koorwerken beslaan een heel scala aan menselijke stemmingen, van somber en berustend tot hoopvol en soms zelfs (een beetje) vrolijk. De concerten worden geopend met Fest- und Gedenksprüche, maar andere titels als Verlorene Jugend, Ich aber bin elend (een schitterend motet) en Ach, arme Welt wijzen niet zo direct in de richting van een feestje.

Dat feestje is het vijfentwintigjarig jubileum van dirigent Daniel Reuss bij Cappella Amsterdam. Een kwarteeuw geleden kreeg hij het koor waarin hij al jaren zong ‘cadeau’ van zijn voorganger Jan Boeke. “Het werd me in de schoot geworpen,” vertelt hij nog steeds blij verbaasd, “zomaar!”. En hij greep deze grote kans met beide handen aan. “Ik was een jonge hond, wild, enthousiast. Dat enthousiasme is er nog steeds, maar ik ben nu rustiger. En kundiger.”

Met Reuss’ benoeming tot leider van Cappella Amsterdam begon de professionalisering van een ensemble dat tot dan toe uit hoogopgeleide semiamateurs bestond. Die professionalisering had ook een zakelijke kant: vanaf de jaren negentig worden de zangers ook voor repetities gewoon betaald, zoals het hoort. Daarmee kun je zo’n beroepskoor van flexibele freelancers uitbouwen tot het hoge artistieke niveau en de internationale status die het tegenwoordig heeft.

Reuss: “Om te beginnen heb ik het repertoire sterk uitgebreid: niet meer alleen barokmuziek, maar ook eigentijds. En met Brahms zitten we daar mooi tussenin.” Inhoudelijk zijn de programma’s van Cappella Amsterdam dan ook veel gevarieerder geworden. Janácek, Martin, Poulenc, Messiaen, Bryars, Ligeti, Pärt en vele moderne Nederlandse componisten zijn deel gaan uitmaken van de canon van het gezelschap.

Niet iedereen gaf zich direct gewonnen voor de nieuwe aanpak. “Als je altijd Bach en Sweelinck hebt gezongen (wat we nog steeds doen, en graag) is het even wennen aan Ton de Leeuw en Ligeti. Niet iedereen kon of wilde die slag maken.” Reuss moet lachen als hij geconfronteerd wordt met zijn oude uitspraak ‘muziek kent geen democratie’. “Bij elk ensemble van meer dan vier personen moet er één zijn die de leiding neemt, en bij Cappella Amsterdam ben ik dat. Groepsbeslissingen leveren zelden iets goeds op. Na vijfentwintig jaar weten we wat we aan elkaar hebben. Ik stel hoge eisen bij de repetities, ik vind het absoluut belangrijk dat iedereen perfect is voorbereid op een concert. Voor de zangers geeft dat natuurlijk ook meer zekerheid.”

De keuze voor Brahms is opmerkelijk. Hij is er een uit het zeer selecte rijtje van Grootste Giganten van de muziek, iedereen kent zijn symfonieën, concerten, kamermuziek, pianostukken en vele liederen. Maar koormuziek? Met Ein Deutsches Requiem en de Altrapsodie heb je het wel gehad. Motetten, kwartetten en andere muziek voor koor a cappella? Weinigen weten welke schatten daar verborgen liggen.

Reuss koos heel bewust voor Brahms als het middelpunt van zijn vijfentwintigjarig feestje. “Het is mijn persoonlijke keuze,” zegt hij, “deze muziek ligt me erg na aan het hart. Je hoort een heel andere Brahms die simpel en sober is, op het ascetische af. Hij sluit aan bij de Noord-Duitse baroktraditie van Schütz, Buxtehude en Bach, die hij probeerde naar de kroon te steken.” Daniel Reuss en Cappella Amsterdam maakten van deze prachtige muziek in 2014 een fraaie opname voor harmonia mundi, die nu als basis dient voor het concertprogramma. Ze kregen er in februari 2015 de Preis der Deutschen Schallplattenkritik voor, een belangrijk stuk internationale erkenning. De keuze lag vooral op de hogere opusnummers, het rijpere werk dus, waarin Brahms de toppen bereikt. Het laagste opusnummer, maar bepaald niet onrijp, is het Schicksalslied op. 54, waarvan de orkestpartij door Karsten Gundermann is omgewerkt voor piano vierhandig. Echt Brahms, denk je dan, zo hoort het en niet anders…

Om de flexibiliteit te behouden werkt Reuss ook regelmatig samen met andere koren, en Cappella Amsterdam met andere dirigenten. Maar na vijfentwintig jaar zijn Reuss en zijn eigen speciale koor nog lang niet op elkaar uitgekeken, en het publiek is nog altijd even enthousiast. Een recent staaltje van geslaagde crowdfunding (het cd-project met de Kanon Pokajanen van Arvo Pärt) is daarvan een van de vele bewijzen. Voor de toekomst staan Händel, Beethoven (de Missa Solemnis) en Schumann, maar ook Pierre Boulez op het verlanglijstje. We kunnen uitkijken naar nieuwe feestjes met Daniel Reuss en Cappella Amsterdam!

Gerard Scheltens (1-2016)

 

  • cover
  • cover
Terug naar het overzicht