WOENSDAG 22 MEI 2013
Dé website voor liefhebbers van klassieke muziek .
Michail Simonian (1985) wil in zijn interpretatie van Katsjatoerians Vioolconcert het karakter van de Armeense volksmuziek benaderen. En zijn persoonlijkheid in de noten laten doorklinken.
“Ik wil niet de zoveelste goede violist zijn die de grote vioolconcerten speelt”, zegt de Armeense violist Michail Simonian tijdens zijn eerste bezoek aan Amsterdam. “Ik vind het heel belangrijk dat een musicus zijn persoonlijkheid in de muziek kan laten klinken. Muziek is niet zoals sport. In tennis bijvoorbeeld kun je aantonen dat Raphael Nadal een snellere service heeft dan Roger Federer, maar in muziek gaat het allemaal om het karakter van de musicus en, uiteindelijk, om de smaak van de luisteraar.
Voor mijn debuut ben ik op zoek gegaan naar repertoire dat weergeeft wie ik ben – niet als violist, maar als persoon. Mijn vader was Armeens, mijn moeder Russisch. Ik ben geboren in Novosibirsk, Rusland, en op mijn dertiende ben ik naar de Verenigde Staten verhuisd om in Philadelphia te studeren. Ik wilde mijn Armeense en Amerikaanse kanten laten horen door de mooiste vioolconcerten van de grootste componisten uit beide landen op te nemen: de concerten van Aram Katsjatoerian en Samuel Barber.
Ik beschouw mijzelf als een Armeniër, ik ben zelfs in Armenië komen wonen! Ik wil echt een cultureel ambassadeur van mijn land zijn. Hier kan ik de muziekindustrie en het toeren vergeten, me volledig toewijden aan mijn familie. Ik ben met een Armeense vrouw getrouwd, we verwachten binnenkort ons eerste kind. Maar ik heb sinds ik hier woon ook met teleurstellingen te maken gekregen. De leiders van het land besteden hun geld aan dure auto’s, terwijl er nauwelijks in cultuur wordt geïnvesteerd. Er zijn geen budgetten voor musici of orkesten. De eerste hoboïst van het orkest in Jerevan, de hoofdstad, speelt nog steeds op zijn versleten instrument uit 1963. Dat is heel frustrerend.
Een van de dingen waar ik trots op ben, is de Armeense volksmuziek. Die is eeuwenoud en kenmerkt zich door ingenieuze ritmische systemen.
Toen ik de partituur van Katsjatoerians Vioolconcert bestudeerde, ontdekte ik hoeveel volksmelodieën hij erin heeft verwerkt. Terwijl ik altijd maar zat te zwoegen op die lastige passages, bedacht ik me dat voor de mensen die volksmuziek of jazz spelen techniek helemaal niet het belangrijkste is. Zij hebben geen partituren, alles gaat volkomen natuurlijk! Dat is de puurste manier van spelen en de basis voor mijn benadering: zo dicht mogelijk bij het karakter van de volksmuziek komen, maar met respect voor de partituur. En misschien pas ik de dynamiek hier en daar wel aan… Zou een componist die 72 jaar geleden in een maat ‘forte’ heeft voorgeschreven dat vandaag weer zo doen?
Ik heb de componist Artur Avanesov gevraagd om een nieuwe cadens te schrijven voor het Vioolconcert. Katsjatoerian had de cadens vanwege tijdgebrek een beetje afgeraffeld, hij was er niet tevreden mee. En de beroemde vioolvirtuoos David Oistrakh, voor wie het stuk gecomponeerd was, zag ook niets in de cadens en componeerde zelf maar wat. Ik wilde dat het solostuk echt bij mij zou passen, er moest volksmuziek en dans in zitten, maar ook Armeense kerkmuziek.
Ook Barbers Vioolconcert heeft folkloristische kwaliteiten, vind ik. Tegen het einde van het snelle derde deel vertragen we en spelen we eigenlijk langzamer dan voorgeschreven. We leggen accenten op de tweede en vierde tel van de maat, zodat je een effect krijgt dat doet denken aan de fiddle-stijl die je in country en bluegrass hoort. Typisch Amerikaans dus. Volgens mij is het een van de beste vioolconcerten ooit geschreven.
In de wereld waarin wij leven moet je altijd ‘iemand’ zijn. Het concertpodium is een van de weinige plekken waar ik me aan die druk kan onttrekken en me compleet vrij voel. Ik volg nu vlieglessen. Vliegen en muziek maken zijn heel vergelijkbaar. Je stijgt op en… Dat is vrijheid voor mij.”
Merlijn Kerkhof / KZ 3-2012