ZONDAG 19 MEI 2013
Dé website voor liefhebbers van klassieke muziek .
Het ligt voor de hand: met een toenemende hoeveelheid podia en opleidingsinstituten enerzijds en een muziekgeschiedschrijving die nu eenmaal niet alles kan behandelen, blijft een groot deel van de componisten onbelicht. Eigen schuld? Soms wel, hadden het niet zulke goede docenten moeten zijn! Arthur Grumiaux en Yehudi Menuhin bekwaamden zich in het vak dankzij niemand minder dan George Enesco. Een fantastische alleskunner, maar groot geworden in een vijver bomvol grote vissen. Menuhin heeft ons op het spoor van zijn leermeester gezet en daar mogen we hem dankbaar voor zijn. Natuurlijk doet zijn muziek zo nu en dan denken aan Robert Schumann of bijvoorbeeld Gabriel Fauré maar is het niet een menselijke onvolkomenheid alles dat via de zintuigen binnenkomt te relateren aan hetgeen al bekend is? Luister dan vooral verder dan de openingsmaten: die zijn inderdaad ietwat algemeen van aard, maar in de uitrol van het thematisch materiaal met van tijd fraaie verstilde passages en een bijna onnavolgbare strijkersbehandeling wordt Enesco’s muzikale handtekening zichtbaar. Met twee trio’s in g- en a-klein en de nog niet lang geleden opgedoken Sérénade Lointaine bewijst het Roemeense Trio Brancusi een landgenoot een mooie dienst.
Andrew van Parijs / KZ 3-2012