ZONDAG 19 MEI 2013
Dé website voor liefhebbers van klassieke muziek .
Op haar nieuwe cd laat Roberta Invernizzi horen dat Vivaldi zingen een vak apart is. Met Ensemble la Risonanza bezorgt ze haar luisteraars bijna tachtig aangenaam smeulende en soms knetterende minuten.
‘Als een zee opgejaagd door twee winden voelt zich mijn arme hart!’ zingt de Amazone Hippolyta in Vivaldi’s Ercole sul Termodonte. Haar stem vliegt naar grote hoogten, zinkt een moment later naar donkere diepten en schiet dan weer, als een opgejaagde zangvogel, de lucht in. Violen en continuo slaan als een niet te stoppen storm onder en boven haar langs: Vivaldi kan noten als kleine donderslagen in laten slaan.
Onderweg naar een gezellig bezoek in het zonnige zuiden heb ik Vivaldi in de draagbare speler op het moment dat de lucht ineens grijs wegtrekt: hagelstenen stuiteren tegen het stationsplein van de provinciehoofdstad en leggen er in een oogwenk een hoogpolig, glibberig, wit tapijt overheen. Mensen zoeken mopperend een heenkomen, want: ‘Brrrr, is dit nu de lente?’ Met in mijn oortelefoon de stem van Roberta Invernizzi, die met een jazzy genoegen de aria uit Ercole ten gehore brengt, vind ik het echter een glorieus schouwspel: Vivaldi weet van het weer altijd iets spannends en energieks te maken. Naar deze muziek luisteren terwijl er een onzalige bui op de aarde neerstort, is een heerlijke ervaring.
Er was een tijd dat het gros van de muziekliefhebbers Antonio Vivaldi vooral associeerde met de muzikale meteorologie van de jaargetijden. Fraaie pogingen werden gedaan om het publiek zijn muziekdrama’s te serveren, maar dat proces kwam pas goed op gang toen het label Naive de ene opera na de andere op cd lanceerde. Enkele andere labels volgden en inmiddels is het moeilijk om in deze hagelbui van fraaie noten je Tito Manlio van je Ottone in Villa te onderscheiden. Om de boel op zijn plek te krijgen, is een recital met hoogtepunten uit die werken wel zo handig, opdat je een en ander eens kunt vergelijken. En wie is beter uitgerust voor die taak dan Roberta Invernizzi? Ze heeft zich de afgelopen jaren met liefde gewijd aan de Italiaanse meester en is dus een expert, om niet te zeggen: een van de First Ladies of Italian Baroque.
En dat is te horen op haar nieuwe cd, waar ze ons een serie standards uit zijn oeuvre voorschotelt. Met een feilloos gevoel voor de rol van het ritme van Vivaldi’s muziek glijdt ze omfloerst door een langzame aria uit Griselda. Als de muziek daarna weer up tempo gaat en La Risonanza, het ensemble onder leiding van Fabio Bonizzoni, haar een swingende intro geeft voor een solo van Latin Lover Lucio in de opera Tito Manlio, komt ze met roekeloze, scherp getimede coloraturen voor de dag. De oude muziek is perfect voor haar stem: die produceert geen breed geluid en is misschien ook niet heel karakteristiek, maar ze buigt hem naar hartenlust alle kanten op, terwijl ze moeiteloos speelt met de in haar moedertaal geschreven teksten.
Invernizzi’s aria-cd is echter voor alles een samenwerkingsproject. De vioolsolo’s uit La Risonanza zingen mee met bezield gevoel en de barokgitaar kietelt het trommelvlies in de soms wel tien minuten lange, intieme monologen van Vivaldi’s personages. Bij de meer assertieve stukken gooien trompettist Paolo Bacchin en hoornisten Marco Panella en Alessandro Denabian de olie op het vuur, zoals in Ottones ‘Dopo un’orrida procella’ (ook weer uit Griselda), een stoer en hip nummer waarin wordt betoogd dat ‘na een verschrikkelijke storm, de lucht weer sereen glanst en onze harten bevrijdt van kommer en zorg’. En dat blijkt, als ik naar het langzaam afdrijvende wolkendek kijk, een waarheid als een koe.
Hein van Eekert / KZ 3-2012