DONDERDAG 23 MEI 2013
Dé website voor liefhebbers van klassieke muziek .
Bellini’s opera La Sonnambula behoort weliswaar tot het ijzeren operarepertoire, het is tevens een gevreesd werk. Althans, voor menig coloratuursopraan vanwege de uitzonderlijke vocale acrobatiek die de componist voorschrijft. De Franse operadiva Natalie Dessay hoeft echter nergens bang voor te zijn, want zij slaat zich schijnbaar moeiteloos door de hoogste coloraturen heen en zingt geraffineerde portamenti alsof ze nooit anders heeft gedaan. En daarmee kan zij zich meten met illustere voorgangers als Callas, Sutherland en Gruberova, die in de rol van Amina eveneens ooit onnavolgbaar hebben geschitterd. Voor wie de eerder in dit blad besproken integrale uitvoering van deze opera iets te veel is, brengt Virgin Classics nu een schijf met highlights uit. Hierop staan vooral de scènes van de slaapwandelaarster Amina centraal, waarin zij tegenover haar geliefde Elvino de nachtelijke escapades met graaf Rodolfo moet verantwoorden. Aardig is, dat de cd zo een mooie gelegenheid biedt om de zangtechniek en interpretatie van een hedendaagse prima donna assoluta nader te bestuderen en te vergelijken met haar eerder genoemde beroemde collega’s. Levert zoiets dan een winnares op? Nee, gelukkig niet. Want de discussie over ‘mooi zingen’ (belcanto) is een eeuwig voortdurend debat dat iets zegt over de heersende muziekesthetiek binnen een gangbare uitvoeringspraktijk, die continu aan verandering onderhevig is. Een ‘allerbeste’ bestaat eenvoudigweg niet. Dessays bijdrage aan de discussie is zondermeer waardevol.
Frans Jansen