Holland Baroque Society's nieuwe dubbel-cd La Cetra met Rachel Podger gooit hoge ogen
DONDERDAG 24 MEI 2012
Dé website voor liefhebbers van klassieke muziek .
De eerste cellomuziek verscheen in 1689. De Franse cellist Bruno Cocset lichtte het doopceel van een instrument dat spoedig de viola da gamba zou verstoten.
Eerst maar eens een misverstand uit de weg ruimen: de viola da gamba, opnieuw in zwang geraakt dankzij de oude-muziekbeweging, is geen vroege voorloper van de cello. Het instrument maakt namelijk deel uit van een andere familie en valt eerder te karakteriseren als een aangestreken gitaar. De viola da gamba heeft zelfs lange tijd náást de cello bestaan en was favoriet onder de adel. Maar welk instrument kunnen we dan wel aanwijzen als de voorloper van de cello? De Franse cellist Bruno Cocset geeft het antwoord op een zeer fraai vormgegeven cd met de titel: La Nascita del Violoncello, ofwel ‘de geboorte van de cello’. Het begon allemaal met de uitvinding van een met koper- of zilverdraad omwonden darmsnaar met een kleinere diameter dan gebruikelijk, die niettemin goed bleef klinken in de diepe registers. Daardoor konden lage instrumenten een kleiner formaat krijgen en werden ze niet enkel meer gebruikt als bas of als begeleidingsinstrument. De eerste cello’s droegen namen als violone, bassetto en basso di violi . De kleinere instrumenttypes werden niet zelden da spalla (aan de schouder) bespeeld, terwijl de grotere exemplaren da gamba (tussen de knieën) werden gehouden. En wat de musicus van de 17de eeuw betreft: die speelde meestal de verschillende types door elkaar heen. Aangezien dit instrumentarium de tand des tijds niet heeft overleefd, worden de werken op La Nascita del Violoncello uitgevoerd op zeven moderne kopieën die tussen 2000 en 2009 werden gebouwd door Charles Riché. Het allervroegste manuscript dat speciaal was bedoeld voor de cello dateert uit 1698 en is afkomstig van Domenico Gabrielli, in zijn tijd ook bekend als Minghino del Violoncello (‘de kleine Domenico van de cello’). Van zijn hand horen we verschillende ricercari: eenvoudige, maar o zo luisterrijke korte werken. Met name de solostukken dragen een welhaast improvisatorisch karakter en zijn van een licht soortelijk gewicht. De duetten zijn vaak indrukwekkende hoogstandjes van muzikale stuurmanskunst. Naast muziek van Gabrielli vinden we op de cd onder meer werken van Giuseppe Jacchini (een leerling van Gabrielli) en Giovanni Battista Vitali. Met name Jacchini grossiert in zijn sonates met de meest fraaie uitgesponnen melodielijnen en een zangerige, soms bijna geaffecteerde stijl die al vooruit lijkt te wijzen het Italiaanse belcanto. Bologna 1689...La Nascita del Violoncello is een prachtige uitgave, niet in de laatste plaats door het uitstekende spel van cellist Bruno Cocset en zijn medemusici van het ensemble Les Basses Réunis. Een cd om te koesteren.
Oswin Schneeweisz