VRIJDAG 24 MEI 2013
Dé website voor liefhebbers van klassieke muziek .
Carl Orffs Carmina Burana uit 1937 behoort tot de beroemdste koorwerken uit de twintigste eeuw. Wat velen niet weten, is dat deze cantiones profanae (wereldlijke liederen) het eerste deel vormen van een trilogie. Onbegrijpelijk dat de andere twee werken, Catulli Carmina (1943) en Trionfo di Afrodite (1953), totaal zijn vergeten en nooit worden uitgevoerd. Een groot verschil met de Carmina Burana. Orff baseerde het werk op een aantal Latijnse en oud-Duitse seculiere gedichten uit een dertiende-eeuws manuscript, dat gevonden is in het klooster van het Beierse Benediktbeuern. Het resultaat is een uur vol indringende muziek waarin de ritmische, instrumentale en harmonische invloeden van Igor Stravinsky duidelijk herkenbaar zijn. De nieuwste opname van deze compositie betreft een live-registratie onder leiding van de dirigent Richard Hickox, die vooral in de opzwepende koren indruk maakt. Complimenten voor het London Symphony Orchestra en Choir dat, ondanks de bekendheid van het werk, nergens een routineuze indruk maakt. Dat geldt niet alleen voor het beroemde ‘O Fortuna’ waar het stuk mee opent en afsluit. Want wat te denken van het kroeglied ‘In taberna quando sumus’ waar iedereen samenkomt om zich ongegeneerd te bezatten. Heerlijk! Middeleeuws hedonisme in moderne klanken: er is niets nieuws onder de zon…
Frans Jansen